Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Cliëntondersteuning langdurige zorg (wlz)

U wilt een zorgaanbieder die bij u past. Met de informatie op ZorgkaartNederland vindt u een zorgaanbieder die voldoet aan uw wensen en eisen.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

De Wlz is bedoeld voor zorg aan mensen die blijvend behoefte hebben aan permanent toezicht en 24 uur per dag zorg in de nabijheid. Het gaat hier om mensen met een lichamelijke, verstandelijke, auditieve of visuele beperking.

Ook mensen met langdurige psychische problemen kunnen een beroep doen op de Wlz.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

 

De Wlz is toegankelijk voor kinderen. Het gaat om kinderen met een intensieve zorgvraag en waarbij hun zorg niet onder de Zvw (intensieve kindzorg), de Jeugdwet of zorgprofiel VG 3 of lager valt.

In de Wlz komen voornamelijk kinderen die te maken hebben met een meervoudig complexe handicap en een verstandelijke beperking tussen de 5 en 19 jaar. 

Kinderen bij wie er geen uitzicht is dat zij enige mate van zelfstandig wonen of participatie kunnen bereiken, kunnen de Wlz instromen. 

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Ook in de Wlz kunnen cliënten ZIN en PGB combineren. Dat kan door een zogenaamd Modulair Pakket Thuis (MPT). De Wlz kent drie manieren waarop cliënten hun zorg thuis kunnen ontvangen in plaats van in een instelling. Deze drie zijn:

  • Volledig Pakket thuis (VPT)
  • Persoonsgebonden budget (PGB)
  • Modulair Pakket thuis (MPT)

Met het MPT is een combinatie tussen ZIN en PGB dus mogelijk en kunnen verschillende aanbieders de zorg leveren.

Een MPT is geschikt voor cliënten die niet het volledige zorgaanbod van een instelling nodig hebben of de zorg niet geheel zelf via een PGB willen organiseren.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Nee, dat hoeft niet. Cliënten die zorg uit de Wlz ontvangen, kunnen deze zorg onder voorwaarden ook thuis ontvangen. Bijvoorbeeld door een Volledig Pakket Thuis (VPT), Modulair Pakket Thuis (MPT) of Persoonsgebonden Budget (PGB). Cliënten die onder de Wlz vallen, hoeven dus niet per se in een instelling te wonen.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Als u niet tevreden bent over de informatie die het zorgkantoor verstrekt of over de zorgbemiddeling, kunt u een klacht bij uw eigen zorgkantoor indienen. Het zorgkantoor moet uw klacht volgens de regels van de Algemene wet bestuursrecht behandelen. Dit betekent onder meer dat u binnen zes weken (met een mogelijkheid tot verlenging tot tien weken) antwoord op uw klacht moet hebben gekregen. Ook is het zorgkantoor verplicht om u de mogelijkheid te bieden te worden gehoord.

Als u niet tevreden bent over het antwoord op uw klacht, kunt u zich wenden tot de Nationale Ombudsman.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Als u niet tevreden bent over de kwaliteit van de ontvangen zorg, hebt u verschillende mogelijkheden. U kunt klagen bij de klachtenfunctionaris of de klachtencommissie van de zorgaanbieder zelf, maar ook bij het zorgkantoor of bij andere instanties, zoals de Inspectie voor de gezondheidszorg (IGZ) en de Geschillencommissie Verpleging, Verzorging en Thuiszorg.

Vanaf 2017 kunt u met een klacht ook terecht bij een geschillencommissie.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Thuiswonende cliënten die zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) vergoed krijgen, krijgen vanaf 2017 ook hun huishoudelijke hulp vanuit die wet vergoed.

Eerder werd de thuishulp vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) geregeld. Het Rijk heeft hiertoe besloten na overleg met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Een partner meeverhuizen naar een zorginstelling is mogelijk. Als u moet worden opgenomen in een Wlz-instelling voor verpleging en verzorging (bijvoorbeeld een verpleeghuis) of gehandicaptenzorg, dan kan uw partner ervoor kiezen om met u mee te verhuizen naar deze instelling.

Meeverhuizen kan ook als uw partner zelf geen indicatie heeft voor Wlz-zorg.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Als de instelling bepaalde woonelementen verplicht stelt, bijvoorbeeld een hoog-laag bed, dan komen de kosten voor rekening van de instelling. Cliëntenraden kunnen afwijkende afspraken maken, men dient cliënten hierover ruimschoots van te voren van op de hoogte te brengen.

Bron: WLZ Zorgkompas.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

De cliëntondersteuner Wlz mag u pas ondersteunen op het moment dat u een Wlz-indicatie heeft.

De gemeente is verantwoordelijk voor het leveren van cliëntondersteuning bij de indicatiestelling.

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Bij een pgb komt veel kijken. Kunt of wilt u niet alles zelf regelen? Een gewaarborgde hulp kan u helpen.

Een gewaarborgde hulp regelt het pgb voor u. Ook is hij verantwoordelijk voor alle verplichtingen. Zoals het ondertekenen van formulieren, het voeren van het bewuste keuze gesprek en het kiezen van goede zorgverleners. 

  • De gewaarborgde hulp helpt u bij de administratie van het pgb-Wlz.
  • De gewaarborgde hulp helpt u bij het kiezen van uw zorgverleners.
  • De gewaarborgde hulp helpt u bij het nakomen van de rechten en plichten van het pgb-Wlz. 
  • De gewaarborgde hulp helpt u bij het in de gaten houden van de kwaliteit van de zorg

Dat wil niet zeggen dat de budgethouder zijn rechten en plichten overdraagt aan deze hulp. De budgethouder blijft zelf verantwoordelijk voor zijn pgb-Wlz.

Heeft u aanvullende vragenof wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Wlz-verzekerden kunnen in bepaalde situaties Wlz-zorg in het buitenland krijgen of een vergoeding voor Wlz-zorg in het buitenland. Het zorgkantoor beoordeelt of u in aanmerking komt voor (een vergoeding van) Wlz-zorg in het buitenland.

Meer informatie vindt u op: https://www.zorginstituutnederland.nl/pakket/wlz-kompas/wlz-zorg+in+het+buitenland

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Verzekerden met een indicatie voor Wlz-zorg kunnen er voor kiezen in een instelling te gaan wonen om de zorg te krijgen. Zij kunnen er onder voorwaarden ook voor kiezen om de zorg thuis te ontvangen met een volledig pakket thuis (vpt) of een modulair pakket thuis (mpt) of de zorg zelf te regelen met een persoonsgebonden budget (pgb). Deze mogelijkheden worden leveringsvormen genoemd.

Meer informatie vindt u op: https://www.zorginstituutnederland.nl/pakket/wlz-kompas/leveringsvormen+%28instelling+vpt+mpt+en+pgb%29

Heeft u aanvullende vragen of wilt u advies? Bel 0900-243 81 81 (normale gesprekstarief)

Vertrouwenspersonen jeugdhulp

Dat is afhankelijk van je leeftijd. Vanaf 16 jaar mag iemand op het gebied van gezondheidszorg geheel zelfstandig zijn eigen beslissingen nemen, toestemming van ouders of voogd is daarvoor niet nodig. Voor behandeling of onderzoek van kinderen van 12 tot 16 jaar is zowel toestemming van het kind zelf als van de ouders/voogd vereist. Voor nog jongere kinderen is toestemming van de ouders/voogd voldoende, toch moet ook dan zo veel mogelijk rekening worden gehouden met de mening van het kind.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

 

Een vertrouwenspersoon kan je informeren en adviseren. Ook kan een vertrouwenspersoon je helpen wanneer je een probleem ervaart of wanneer je een klacht hebt.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Ja, de vertrouwenspersoon is in dienst van het AKJ (Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg) of Zorgbelang en niet in dienst van de instelling waar jouw vraag of klacht over gaat. We werken dus enkel in jouw belang.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Een voogd is degene die gezag over jou uitoefent totdat jij achttien bent geworden. Meestal zijn dit jouw ouders. Wanneer jouw ouders er niet meer zijn of jouw ouders geen gezag meer uitoefenen over jou, wordt er een voogd aangewezen door de kinderrechter. Een gezinsvoogd is een (tijdelijke) voogd die wordt toegevoegd naast jouw ouders. De gezinsvoogd helpt jou en jouw ouders bij het nemen van beslissingen over jouw opvoeding.  

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Wanneer er een ondertoezichtstelling is, mag de gezinsvoogd informatie opvragen die van belang is voor de uitvoering van de ondertoezichtstelling. Dit kan bijvoorbeeld gaan om het opvragen van informatie bij een andere hulpverlenende instantie die is betrokken of bij school.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Een ondertoezichtstelling (OTS) is een kinderbeschermingsmaatregel, dus een maatregel met als doel het kind te beschermen. Bij een OTS heeft de kinderrechter bepaald dat iemand toezicht moet houden op een kind, omdat het zich niet goed kan ontwikkelen. Bijvoorbeeld omdat er ernstige problemen zijn bij de opvoeding en verzorging en andere hulp niet voldoende heeft geholpen of zal helpen. Het doel van de OTS is ervoor te zorgen dat de situatie waarin een kind opgroeit, zo snel mogelijk verbetert.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Je kunt naar jouw mentor of de groepsleiding gaan om dit te bespreekbaar te maken. Kom je er desondanks nog niet uit, dan kun je contact opnemen met de vertrouwenspersoon.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

Het is goed om dit allereerst te bespreken met de hulpverlener zelf. Hierbij kan de leidinggevende ook aansluiten. Wanneer dit gesprek niet tot een oplossing leidt dan kun je jouw klacht(en) voorleggen aan de onafhankelijke klachtencommissie van de instelling. Heb je hierbij hulp nodig, dan kun je om ondersteuning vragen van de vertrouwenspersoon.

Heb je aanvullende vragen of wil je advies? Bel dan 088-555 10 00 (AKJ)|
Heb je al een vertrouwenspersoon van Zorgbelang Drenthe? Bel dan 050-727 15 09 (of het 06 nummer van jouw vertrouwenspersoon)

 

Algemene vragen over gezondheidszorg

Een telefonisch consult mag alleen in rekening worden gebracht als dit consult een spreekuurconsult vervangt. Vaccinaties en/of herhalingsrecepten tijdens een (telefonisch) consult kunnen niet extra in rekening worden gebracht.

Bij een medische behandeling, zoals door uw tandarts, moet de arts de behandeling naar beste weten en kunnen uitvoeren. Een goed resultaat kan hij echter niet garanderen. De arts heeft geen invloed op hoe u reageert op de behandeling. Alleen bij een eenvoudige, routinematige handeling, zoals het vullen van een gaatje in een kies, is er sprake van een zogeheten resultaatverplichting. In dat geval hoeft u alleen aan te tonen dat het beoogde resultaat niet is behaald. Als het niet gaat om zo'n routinematige behandeling zult u moeten bewijzen dat uw tandarts zich onvoldoende heeft ingespannen en dat u daardoor schade heeft.

Bij een klacht kunt u zich allereerst melden bij degene die u behandeld heeft, uw zorgverlener. Komt u er samen niet uit dan kunt u een klacht indienen. Daarvoor heeft iedere praktijk een verplichte klachtenregeling. Ook kunt u zich, als u voor mondzorg verzekerd bent, melden bij uw verzekeraar. Daarnaast kunt u terecht bij het TIP (het Tandheelkundig Informatiepunt van de beroepsvereniging) en de website www.allesoverhetgebit.nl.

Het komt nogal eens voor dat men na een bezoek aan de huisarts of de specialist niet tevreden is omdat men vergeten is iets te vragen of omdat men toch wat dieper op de klacht in had willen gaan. Om een bezoek aan de huisarts of de specialist zo goed mogelijk te laten verlopen vindt u hier een aantal tips.

  •  Schrijf uw vragen of klachten op, zodat u niets vergeet.
  •  Schrijf op wat u zelf al met de klachten heeft gedaan.
  •  Maak een lijstje van de medicijnen die u gebruikt.
  •  Controleer of u een herhalingsrecept van bepaalde medicijnen nodig hebt.
  •  Als u denkt veel tijd nodig te hebben, vraag dan bij de huisarts om een dubbele afspraak.
  •  Vraag waarom de huisarts u naar de specialist verwijst. De verwijsbrief mag u lezen.
  •  Neem bij een bezoek aan de specialist uw verwijskaart en ponskaart mee.
  •  Als u zich onzeker voelt neem dan een vertrouwd persoon mee. Twee onthouden meer dan één.
  •  Voel u niet bezwaard als het gesprek langer duurt dan gepland, de arts is verantwoordelijk voor de planning van de spreekuren.

Een medisch dossier is vertrouwelijk en alleen ter inzage voor de patiënt zelf. Een hulpverlener mag zonder toestemming van de patiënt geen gegevens aan anderen doorgeven, zelfs niet aan de partner. De enige aan wie zonder toestemming informatie gegeven mag worden is aan medebehandelaars.

Je hebt het recht om wijzigingen voor te stellen in je medisch dossier. Als je arts de wijziging niet toe wil passen moet jouw visie toegevoegd worden aan het medisch dossier.

  • Klachten over een zorginstelling Bij klachten over een zorginstelling kunt u naar de geschillencommissie zorginstellingen.
  • Klachten over een zelfstandige zorgaanbieder Sommige behandelaars en/of therapeuten werken zelfstandig en zijn dus niet in dienst van een zorginstelling. In dit geval kunt u meestal uw klacht indienen bij de beroepsorganisatie waar uw therapeut bij aangesloten is.  Op de site van Kiesbeter vindt u een overzicht van de klachteninstanties per zorgverlener.
  • Klachten over een zorgverzekeraar Bij klachten over een zorgverzekeraar kunt  u (na eerst geklaagd te hebben bij zorgverzekeraar zelf) een klacht indienen bij de Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekeringen en eventueel naar de rechter gaan.

Een hulpverlener mag een behandelrelatie niet zomaar opzeggen. Alleen wanneer hij zwaarwegende redenen heeft, mag hij de behandeling van een patiënt beëindigen. Zwaarwegende redenen kunnen bijvoorbeeld zijn: wanneer de vertrouwensrelatie ontbreekt of wanneer er sprake is van gewetensbezwaren, bijvoorbeeld verzoeken om euthanasie of abortus, wanneer de patiënt in ernstige mate de huisregels overtreedt of niet meewerkt aan zijn behandeling etc.

De hulpverlener moet u de gelegenheid geven een andere hulpverlener te zoeken. Tot dat moment blijft hij de behandeling voortzetten. Het kan gebeuren dat een hulpverlener zelf de behandeling niet meer kán voortzetten (verandering werkkring, verhuizing). Hij moet zijn patiënten tijdig van beëindiging en overdracht van zijn praktijk in kennis stellen.

Veel zorgverzekeraars bieden zogenaamde budgetpolissen aan. Dit zijn polissen tegen een heel lage prijs en met meestal een hoog eigen risico. Bij de meeste budgetpolissen heeft u als verzekerde weinig keuze. De zorgkosten worden alleen vergoed bij een klein aantal gecontracteerde zorgaanbieders. U mag wel naar een niet-gecontracteerde zorgverlener gaan, maar dan moet u zelf bijbetalen. De regelingen hiervoor verschillen per zorgverzekering.

Wanneer is het aantrekkelijk om een budgetpolis af te sluiten? Dit kan het geval zijn als u verwacht dat u weinig zorg nodig hebt, als u niet in de problemen komt als u een hoge eigen risico moet betalen, als u het niet erg vindt dat u in de keuze van zorgverlener wordt beperkt en als u het geen probleem vindt om verder te moeten reizen om bij een gecontracteerde zorgverlener te komen.

Sluit u deze polis af, dan moet u goed opletten naar welke zorgverlener of ziekenhuis gaat. Doet u dit niet, dan kan het gebeuren dat u opeens veel geld moeten bijbetalen omdat ju de zorg van een niet-gecontracteerde zorgverlener hebt gekregen.

Meer informatie over zorgverzekeringen

Er is een landelijke richtlijn voor de overdracht van het patiëntendossier bij verandering van huisarts. Enkele punten uit de richtlijn zijn:

-       De huisarts draagt het dossier van de patiënt over aan de nieuwe huisarts.
-       Hij doet dit bij voorkeur persoonlijk of per aangetekende post.
-       Overdracht gebeurt altijd met toestemming van de patiënt.
-       Het originele dossier wordt niet aan de patiënt afgegeven.
        Wel kan deze een afschrift krijgen van het dossier.

De volledige richtlijn is te downloaden via knmg.artsennet.nl (onder Publicaties).

Voor behandelingen die in het basispakket van de zorgverzekering zitten, geldt dat eerst het verplichte eigen risico van uw zorgverzekering moet worden aangesproken. Iedereen van 18 jaar en ouder heeft dit verplichte eigen risico. Dat betekent dat u de eerste € 385 (in 2018) voor zorg uit het basispakket zelf betaalt. Dit geldt niet voor de kosten van huisarts, verloskundige zorg en kraamzorg. Deze kosten worden altijd vergoed. Een bezoek aan het ziekenhuis (SEH) valt wel onder het eigen risico.

Een hulpverlener mag een behandelrelatie niet zomaar opzeggen. Alleen wanneer hij zwaarwegende redenen heeft, mag hij de behandeling van een patiënt beëindigen. Zwaarwegende redenen kunnen bijvoorbeeld zijn: wanneer de vertrouwensrelatie ontbreekt of wanneer er sprake is van gewetensbezwaren, bijvoorbeeld verzoeken om euthanasie of abortus, wanneer de patiënt in ernstige mate de huisregels overtreedt of niet meewerkt aan zijn behandeling etc.

De hulpverlener moet u de gelegenheid geven een andere hulpverlener te zoeken. Tot dat moment blijft hij de behandeling voortzetten. Het kan gebeuren dat een hulpverlener zelf de behandeling niet meer kán voortzetten (verandering werkkring, verhuizing). Hij moet zijn patiënten tijdig van beëindiging en overdracht van zijn praktijk in kennis stellen.

De relatie tussen een patiënt en een hulpverlener is gebaseerd op een overeenkomst. Een overeenkomst brengt rechten en plichten mee. Eén van de plichten is dat u, voor zover van toepassing, de hulpverlener op tijd betaalt voor zijn verrichtingen.

Kunt u een rekening niet voldoen, dan kan de hulpverlener een behandeling weigeren. Het is dan verstandig om bijtijds aan de bel te trekken bij een instantie voor schuldhulpverlening.

In een geneeskundige verklaring geeft een arts een op medische gegevens gebaseerd waardeoordeel over de patiënt. Dit waardeoordeel is meestal niet medisch, maar richt zich op de problemen die de patiënt ondervindt als gevolg van zijn gezondheidstoestand. Het geven van een waardeoordeel, dat een ander doel dient dan behandeling, moet objectief en deskundig gebeuren. Dit moet worden gedaan door een onafhankelijk arts die deskundig is op het gebied waarop de vraagstelling speelt. 

Waarom kan een geneeskundige verklaring beter niet door de behandelend arts afgegeven worden?
Allereerst is een behandelend arts vaak niet objectief ten opzichte van zijn patiënt. Daarnaast beschikt hij meestal niet over de deskundigheid die nodig is voor het geven van een waardeoordeel. Ook is de arts vaak niet op de hoogte van de medische criteria waaraan de instantie, die de verklaring nodig heeft, toetst. Tenslotte kan het afgeven van een geneeskundige verklaring de vertrouwensrelatie tussen de arts en zijn patiënt schaden. Dit risico bestaat als het oordeel van de arts in zijn verklaring niet gunstig is voor zijn patiënt.
Wel kan de behandelend arts, met toestemming van de patiënt, feitelijke medische informatie verstrekken. 

Bij veel huisartsen is het gangbaar dat de assistente bij de patiënt informeert naar de aard van de klachten. Dit heeft te maken met de toenemende drukte in de huisartsenpraktijken. Wanneer bekend is waarvoor u komt, kan het spreekuur van de huisarts beter gepland worden.

Een andere reden dat de assistente hiernaar vraagt is dat zij in sommige gevallen u direct kan helpen en het niet nodig is om een afspraak bij de huisarts te maken. Ook kan zij bij veel voorkomende, niet ernstige klachten u een goed advies geven.

Vindt u het bezwaarlijk om uw klacht aan de assistente te vertellen, dan kunt u dit aan haar kenbaar maken. Overigens geldt voor de assistente, net als voor de huisarts, het beroepsgeheim. Dus u mag er op vertrouwen dat wat u haar vertelt met de huisarts wordt besproken en met niemand anders.

Indien u gescheiden bent en uw kind moet worden geopereerd, dan dient er in het algemeen toestemming worden gegeven door beide ouders.

Dit is niet alleen in de wet vastgelegd, maar blijkt ook uit veel rechterlijke uitspraken. Het belang van het kind staat altijd voorop.

Zo zegt het Centraal Medisch Tuchtcollege in een uitspraak van mei 2011: “Een arts heeft voor de behandeling van een minderjarige in beginsel toestemming nodig van de beide (gezagdragende) ouders”. Maar ook wordt gezegd: “Als een kind bij een bezoek aan een arts wordt begeleid door één van de ouders en er geen sprake is van een ingrijpende, niet-noodzakelijke of ongebruikelijke behandeling van het kind, dan mag de arts er van uitgaan dat de toestemming van de andere ouder aanwezig is, behalve als er aanwijzingen zijn voor het tegendeel”.

Overigens hebben de ouders ook de wettelijke plicht om elkaar op de hoogte te houden over belangrijke zaken met betrekking tot hun kind en elkaar te raadplegen als hierover beslissingen genomen moeten worden. Dit betreft ook een medische behandeling.

Een chirurgische ingreep valt onder de zogenaamde voorbehouden handelingen. Voorbehouden handelingen zijn medische handelingen die onaanvaardbare risico's voor de gezondheid van een patiënt met zich meebrengen als ze door een ondeskundige worden uitgevoerd. Wie deze handelingen mogen uitvoeren, staat in de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG).

De Wet BIG geeft per voorbehouden handeling aan welke zorgverleners bevoegd zijn om deze uit te voeren. Voor de meeste voorbehouden handelingen zijn dit artsen, tandartsen en verloskundigen. Sinds 2012 mogen ook verpleegkundig specialisten en 'physician assistants' bepaalde taken zelfstandig uitvoeren. 
Als de verpleegkundige hiervoor een specifieke opleiding heeft gevolgd, mag deze een chirurgische ingreep doen. Wel moet de patiënt hierover vooraf geïnformeerd worden.

Mevrouw Jansen heeft een operatie aan haar knie gehad. Voor de revalidatie koos ze voor een zorghotel in haar eigen buurt. Ze heeft bij de intake geïnformeerd naar de kosten. ‘Die worden vergoed’, kreeg ze te horen.

Nu ontving ze een factuur van het zorghotel; een hoge rekening van rond de € 24000. Van de zorgverzekering kreeg ze te horen dat deze kosten niet worden vergoed, want ze hebben geen contract met het zorghotel. Wat kan ze doen?

In deze situatie zijn er twee partijen die ieder hun eigen verantwoordelijkheid hebben. Mevrouw Jansen heeft zelf de plicht om na te gaan of de kosten door haar zorgverzekering worden vergoed. Het zorghotel heeft de plicht patiënten goed te informeren over de kosten voor het verblijf. Uit de informatiefolder blijkt dat deze aanbieder er op wijst dat vergoeding van de verblijfskosten afhankelijk is van zorgverzekeraar en verzekeringspakket. De mondeling gegeven informatie blijkt onjuist te zijn.

Mevrouw Jansen zit hierdoor in een lastig parket. Ze zit met een hoge rekening die niet vergoed wordt. De zorgverzekeraar staat in het recht dat ze, op grond van het verzekeringspakket van mevrouw, de rekening niet betaalt. Het is de vraag of het zorghotel heeft voldaan aan haar informatieplicht. Bij zulke hoge bedragen is het geven van mondelinge informatie en een folder, waarin geen bedragen worden genoemd, niet voldoende. Het advies is om protest aan te tekenen bij de instelling, zo nodig met juridische ondersteuning.

Mevrouw Jansen zit in een lastig parket. Ze zit met een hoge rekening die niet vergoed wordt. De zorgverzekeraar staat in het recht dat ze, op grond van het verzekeringspakket van mevrouw, de rekening niet betaalt. Als mevrouw wil reclameren bij het zorghotel, ontbreekt het haar aan bewijslast. Zij kan niet aantonen dat dit tegen haar is gezegd; en in de informatiefolder staat duidelijk vermeld hoe het zit met de vergoeding voor verblijf. Het enige wat ze kan proberen is een gunstige afbetalingsregeling bedingen.

Degene die het dossier aanlegt en onderhoudt is verantwoordelijk voor de inhoud. Als patiënt heeft u wel rechten ten aanzien van het dossier. Eén van deze rechten is het recht op correctie. Dit betreft aanpassing van gegevens die feitelijk onjuist of onvolledig zijn of niet thuis horen in het medische dossier. Het recht heeft alleen betrekking op feiten als bijvoorbeeld naam of geboortedatum, en niet op meningen van de arts. U kunt bijvoorbeeld niet afdwingen dat de dokter een door hem gestelde diagnose corrigeert als u het hier niet mee eens bent. Wel moet de arts een verklaring waarin uw visie staat altijd aan het dossier toevoegen. 

Belangrijke medische stukken kunnen zonder probleem aan het dossier worden toegevoegd, tenzij de behandelaar aangeeft dat het voor zijn behandelingsdoel onnodige informatie betreft.

U wilt een zorgaanbieder die bij u past. Met de informatie op ZorgkaartNederland vindt u een zorgaanbieder die voldoet aan uw wensen en eisen.

Cliëntondersteuning sociaal domein (wmo, jeugdwet, participatiewet)

De Wmo is de Wet maatschappelijke ondersteuning. De wet wordt uitgevoerd door gemeenten in Nederland en heeft als doel om burgers zo goed mogelijk in staat te stellen om deel te nemen aan de samenleving. De Wmo bevat de regels over de gemeentelijke ondersteuning op het gebied van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen en opvang. Hoe deze uitgevoerd worden, heeft elke gemeente verder uitgewerkt in een Verordening en Beleidsregels. Dit verschilt dus per gemeente.

Dat verschilt per gemeente. Vaak kunt u contact opnemen met de wijkcoach in uw buurt.  Informeer bij uw gemeente waar u terecht kunt met uw hulpvraag. 

Het keukentafelgesprek is het persoonlijke gesprek dat u voert op het moment dat u ondersteuning nodig heeft om thuis te kunnen wonen. Om een keukentafelgesprek te kunnen voeren, moet u zelf een melding hebben gedaan bij de gemeente. De gemeente neemt dan contact met u op. Het kan ook zijn dat de gemeente uit zichzelf contact met u opneemt voor een keukentafelgesprek. Bijvoorbeeld omdat iemand een melding heeft gedaan voor u (bijvoorbeeld een naaste, of de huisarts). Of omdat uw indicatie binnenkort verloopt, en de gemeente graag een herindicatie wil doen. 

Tijdens een keukentafelgesprek wordt samen met u in kaart gebracht wat u nodig heeft om mee te kunnen doen in de maatschappij en zelfredzaam te zijn. Er wordt onderzocht wat u zelf kunt doen, of waarin uw omgeving u kunt helpen. Ook wordt gekeken welke mogelijkheden er in uw buurt zijn en welke ondersteuning de gemeente eventueel zou kunnen bieden. Het keukentafelgesprek is meestal bij u thuis. 

Zie eventueel ook de brochure over het keukentafgesprek

Ja. De gemeente is verplicht om kosteloos cliëntondersteuning beschikbaar te stellen. Informeer bij uw gemeente wat de afspraken zijn over cliëntondersteuning.

U kunt dan een bezwaarschrift indienen. Dit doet u in de vorm van een brief waarin u schrijft waarom u het niet eens bent met de beslissing. Deze brief stuurt u naar het college van burgermeester en wethouders van uw gemeente. Let goed op de termijn:  een bezwaarschrift moet binnen 6 weken na de datum van het besluit door de gemeente ontvangen zijn.